|
|||||||
|
Uit de volksmondKlein Amerika...Wordt gezongen op de wijs van "Ik trek met mijn harmonica ...", schreef kapelaan Vliegen onder een negenstrofige lied, dat wij van zijn hand terugvonden op de achterkant van een doodsbrief.In kapelaan Vliegen vonden de Hoeseltse jeugdbewegingen altijd een dankbare inspirator als het ging om bonte avonden in mekaar te steken, er de teksten voor te schrijven en meestal ook om gans de organisatie ervan op zich te trekken. Die avonden werden bijzonder gesmaakt door een talrijk en dankbaar publiek op de lange avonden tijdens en onmiddellijk na de laatste Wereldoorlog. Ook de tekst van het lied dat wij hierna laten volgen, schreef de kapelaan voor één van die bonte avonden. Kapelaan Vliegen beschrijft en analyseert er op een scherpe en sarcastische wijze de Hoeseltse plantrekkerij tijdens de Duitse bezetting. Kerstnacht op de Beis...![]() In Alt-Hoeselt was er eens een man... De ganse herfst had hij op zijn velden gewerkt en gebèlst: alle wintergraan lag nu ingezaaid of het veld lag gereed om het in het vroegjaar, met maar een klein beetje werk, zaaiklaar te maken voor het zomergoed. Hij was fier: hij was immers minstens een halfjaar vooruit op de andere boeren. En nu was het Kerstmis geworden... De legende van het Duivelskruis![]() Van de Papenbergstraat, die Sint-Huibrechts-Hern verbindt met Vrijhern, splitst zich op de grens met Vrijhern een wandelweg af. Op die tweesprong staat sinds mensenheugenis een nietig staakkapelletje: een houten kastje op een paal, op tijd en stond vervangen door een jongere versie... Maar vóór mensenheugenis stond op die plaats een kruis. Een kruis met een naam en een verhaal. Het verhaal is eeuwenlang verteld, verteld en bijgespijkerd tot het een legende werd... De legende van het Duivelskruis. Een kerstverhaal: Het vuurspuwertje![]() Die ziel van Hoeselt was Lambrechts' inspiratiebron voor zijn literair oeuvre: zijn poëzie, zijn romans, maar vooral voor zijn novellen. Ook zijn kerstnovelle, die wij u ter gelegenheid van Kertsmis 2008 willen aanbieden, speelt tegen de achtergrond van de aloude kerstgebruiken in Hoeselt. Hoeselt krijgt voor de gelegenheid de naam Melleveld mee. Kerstavond en kerstnacht werd in familiekring doorgebracht. Er werd gekaart, er werd "gefriezelfrazeld" (over van alles en niets gepraat), er werd "aangebrande genever" of brandewijn gedronken en er werden boekweitkoeken gegeten. Om middernacht wenste iedereen iedereen een zalige Kerstmis. Er werd verder gevierd totdat, diep in de nacht, de klokken in de kerktoren hun Glorialiederen aanhieven en de blijde boodschap van kerktoren tot kerktoren werd doorgegeven. Iedereen maakte zich dan op om naar de kaarsjesmis te gaan. Lambrecht Lambrechts laat de hoofdrol aan een jonge, nog ongetrouwde onderwijzer, Jan Daelen, die zijn hart verloren heeft aan de mooie Tonia. Hij brengt zijn kerstavond door bij zijn grootmoeder, die aan de verre uitkant van het dorp woont. Voor de kenners: grootmoeder woonde in de Boskant, niet ver van de kerk van Romershoven, dat voor de gelegenheid de naam Bremmenvorst meekrijgt. De Boskanters gingen, omwille van de afstand, liever daar naar de mis, dan in hun eigen parochiekerk. De tegenspeler, een breedsprakerig, geniepig en het-bloed-van-onder-de-nagels-halend addergebroed: Jefke Vermeylen. De titel van de novelle: Het Vuurspuwertje, verwijst naar alle hartvreterij die Jefke Vermeylen voortdurend uitbraakt, maar tegelijkertijd naar de "vuurzeikers" die tijdens de eindejaarsfeesten, althans bij de rijkeren, werden aangestoken om het keren van de zon te vieren. ![]() Wij laten u meegenieten van hetgeen zich in Hoeselt afspeelde op een kerstnacht in het eerste decennium van de vorige eeuw en wensen u alvast vreugdevolle feesten en een nieuw jaar van vergeving, liefde, goedheid en vrede ! Piet Thoelen, namens gans de Hoeseltse Geschiedkundige Studiegroep en de mensen die elk op hun manier hun beste beentjes voorzetten in dit eerste jaar van www.hoeseltvrugger.be De verdronken schat van SitsingenToen men in Romershoven nog zagen vertelde, was de sage van de schat van Sitsingen één van de toppers.Rond Sitsingen hing altijd al een waas van geheimzinnigheid: er zou een burcht gestaan hebben met ridders en veldslagen, met bloed en geweld én met geld ... Er was eens, heel lang geleden ...
|
||||||